Rode poon

De rode poon is een makkelijke, maar nog steeds vrij onbekende vis. Hij komt vooral voor in het noordoosten en het oosten van de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee. Het is een echte zoutwatervis en leeft op een diepte van 20 tot 300 meter onder het wateroppervlak. In de winter is de rode poon te vinden langs de Atlantische kusten van Afrika en West-Europa. In het voorjaar trekt hij naar de zuidelijke Noordzee en wordt daarom in Nederland veel in de zomer gegeten.

De rode poon wordt ook wel knor-of zeehaan genoemd. De bijnaam korhaan heeft hij te danken aan het knorrende geluid wat hij kan maken. Dit geluid is goed te horen wanneer ze gevangen worden.

De rode poon is gemiddeld 30 centimeter lang maar kan maximaal 75 centimeter lang worden en word wel 6kg zwaar. Het lichaam van de rode poon is rozerood en de buikzijde is oranjewit/ Hij heeft een groot gepantserde kop die met lange stekels is bezet.

De vis heeft twee rugvinnen en verschillende borstvinnen. De borstvinnen zijn aan de bovenzijde fel blauw met een rode rand en groene vlekken. Opvallend zijn de eerste drie vrijstaande borstvinstralen zonder zwemvlies. Deze vrijstaande borstvinstralen dienen om prooidieren op te sporen. Het is een echte bodemvis, die zich net als platvissen gedeeltelijk kan ingraven.

109009-3_Rode poon heel IIl

Vandaag als ‘Fresh fish of the day’ de Rode poon

Rode poon heeft witvlees wat redelijk stevig van structuur is. De smaak is zoetig en fijn en doet aan de smaak van garnalen denken. Het is een delicate vis waarvan de geur erg specifiek is. De vis is het beste als u hem binnen twee dagen na aankoop eet. Hij kan het beste worden gestoofd, gebakken, gegrild en worden gerookt.

Het is een vis die zich leent voor vele mogelijkheden, het mag dan een onbekende vis zijn, maar hij is het zeker waard om uit te proberen!

Menu